vrijdag 29 mei 2015

Requiem: Hoofdstuk 23 (1e deel)








23



De heer Daiki Ayumu was uiterst tevreden. Hij had een aardige bonus binnengerijfd met de verwisseling van de inhoud van het kluisje van Kathy Chang. De persoon die hem dit had gevraagd, had hem eerst de helft van een dikke bundel bankbiljetten toegestopt als gevarenpremie en de rest nadat hij de inhoud had verwisseld door de videostick. Gezien de aanzienlijke financiële inbreng van zijn opdrachtgever stelde Daiki zich geen vragen. Hij droomde al zo lang van een reis naar de Oude Wereld, naar het land waar eeuwen terug ooit nog cowboys en indianen hadden gewoond. De Grand Canyon zien en dan sterven. Of misschien toch ook eerst nog de Niagara watervallen en Yosemite National Park, Death Valley, Rocky Mountains en de Everglades en nog zo veel meer. Een natte droom!
Vele Japanners hadden diezelfde droom, maar weinig waren er na de Grote Oorlog ooit geweest. De selectie, ondanks de toenadering, was nogal streng maar daar maakte hij zich geen zorgen over. De kosten waren voor hem en vele Japanners altijd de enige belemmering geweest. De Oude Wereld liet zich duur betalen voor zijn bezienswaardigheden. Kapitalisten, pfff, het was altijd zo geweest en het zou waarschijnlijk ook nooit veranderen. En dat hij zich zou moeten laten chippen, nam hij er maar bij. Het scheen ongevaarlijk te zijn en enkel van nut als veiligheidsmaatregel in de Oude Wereld tegen de stralingszones.
Er liepen regelmatig Westerlingen in de Nieuwe Wereld rond en die leken ook geen monsters of halve robotten. Zelfs Stephen March was heel voorkomend geweest. Jammer dat de man waarschijnlijk niet had gevonden in de kluis wat hij verwachtte, maar voor de juiste prijs veegde Daiki Ayumu zijn weinige gewetensbezwaren die hij nog bezat onder de tatami. Hij werd er ook niet jonger op en zo’n buitenkansje kon hij zich niet laten ontvallen.
Terwijl hij met zijn linkerhand rond de bundel geld die hij in zijn jaszak bewaarde en met zijn andere hand de deur van zijn appartement opende met zijn kaartsleutel hoorde hij helaas niet de man die hem behoedzaam en muisstil had benaderd. Niet dat het veel verschil zou gemaakt hebben. Het volgende moment viel hij languit als een blok zijn appartement binnen vanwege de harde nekslag en de por in zijn rug. Zonder dat Daiki een kreet gaf, werd alles zwart voor zijn ogen.
Michael stapte vlug binnen en sloot de deur achter zich. Alles had zich in een paar seconden afgespeeld. Er was niemand in de gang geweest buiten Ayumu en hemzelf. De heer Ayumu wist teveel en had zijn gezicht gezien. Hij wist wat Michael van hem had gevraagd. Daarom kon hij niet riskeren dat iemand Ayumu lastige vragen zou stellen en erachter zou komen van wie hij zijn opdracht had gekregen.
            In een vloeiende beweging steunde hij met zijn knieën in de rug van de gevloerde bankier en nam zijn hoofd in een bankschroef en met een korte ruk werd de heer Ayumu voor eeuwig en altijd op reis gestuurd naar de eeuwige jachtvelden. Hij stopte het lijk nog wat in de handen en grijnsde om de onfortuinlijke man. Voor alle zekerheid zocht hij in alle kasten en toen hij pas als laatste het lijk onderzocht – domme mensen die zoveel geld zomaar bij zich droegen – nam hij het geld terug mee en verdween even stil zoals hij gekomen was.



……..



            Nadat iedereen van onze groep de beveiligingsprocedures van Gerekko Dai had ondergaan - ik had hun vooraf al verwittigd dat hij daarover heel strikt was – waren we allen uitermate benieuwd of Gekko iets meer zou kunnen maken van de filmbeelden. Mijn vermoedens had ik graag bevestigd gezien en als Gekko niets zou vinden, dan wist ik tenminste zeker dat ik spoken zag. Ik vertrouwde hem op dat gebied met mijn eigen leven. Hij was gewoon de beste die ik kende!
            Gekko nam het rode kleinood in zijn handen en bekeek het eerst van alle kanten. We keken allemaal verbaasd. Dacht Gekko nu dat er iets te vinden was op de buitenkant van de stick? Hij reed zijn rolstoel naar een lange tafel waar hij het voorwerp van zijn aandacht onder een soort microscoop stopte en met een grote glimlach naar ons keek.
‘Aha!’ was zijn korte en verrassende commentaar.
            ‘Gekko, verklaar je nader, beste vriend, aha is een drieletterwoord en zegt ons hoegenaamd niets,’ reageerde ik iets geënerveerd. Gekko was geniaal maar moest soms als een klein kind bij de hand genomen worden om hem te laten weten dat niet iedereen met hetzelfde intellect behept was.
            ‘Oké, sorry Yu, kijk. Ik ga deze draadjes even verbinden met de videostick en dan zal je direct zien wat ik bedoel, maar ik ben nog maar gestart met de analyse hoor. Dit is nog maar het begin.’ Hij voegde het woord bij de daad en legde een blauwe en rode draad aan de videostick en duwde op een aantal punten op zijn virtueel computerbord en er werd voor ons een beeld geprojecteerd. Het was de stick, maar dan in uitvergrote vorm.
            Ik trok mijn schouders op. ‘Een grote videostick, Gekko, ja dat kunnen we zien, we zijn niet zo blind dat je die zo moet uitvergroten. Maar ik veronderstel naar je reacties dat er duidelijk wat mis is met het apparaatje anders zou je zo niet zitten grimassen. Laat ons dus even meegenieten en vertel ons wat je ziet en waarom wij zo dom zijn om dat niet op te merken.’
            Eerst nam Gerekko een grote hap uit een stuk van zijn pizza en begon met volle mond te babbelen. De verstaanbaarheid kwam dat wel niet ten goede maar hij wees met een van zijn worstenvingertjes op een stipje in de stick. ‘Zender,’ mompelde hij tussen het knabbelen door. We keken elkaar aan en blijkbaar bemerkte hij dat we met zijn hint nog niet op de juiste piste zaten. ‘Iemand heeft een zendertje in de videostick geplaatst zodanig dat hij iedereen die zich in de nabijheid van de stick bevond kon afluisteren.
            Stephens ogen vernauwden zich en de blik op onze gezichten was waarschijnlijk van dezelfde aard zodanig dat Gekko daarop direct reageerde. ‘Schiet niet op de pianist hé. Ik zeg jullie enkel dat het de bedoeling was van diegene die de stick aan de heer March heeft bezorgd, dat hij jullie of de heer March vanaf dat moment kon afluisteren. Wees gerust, de kamer is hier beveiligd. Zo’n spelletjes kunnen ze met mij niet spelen.’
            Ik kon aan Stephen zien dat zijn brein overwerk aan het maken was. ‘Ayumu! Die verdomde valse bankier,’ schreeuwde hij. ‘Is hij de moordenaar van Suzy of is hij maar een tussenpersoon? Ik moet terug naar de bank. Hem eventjes wat harder aan de tand voelen!’ Stephen was in alle staten, opgewonden als een springveer. Eagle Eye had zijn handen vol aan hem, maar na een tiental minuten dat Eagle Eye hem probeerde te kalmeren, was hij weer aanspreekbaar en een stuk kalmer.’
            Gekko zwaaide met zijn hand om de aandacht te trekken. ‘Terwijl jullie bekvechten heb ik nog enkele programmaatjes laten werken op de inhoud van de stick. Je hebt gelijk, Yu. Er is geknoeid met de film. Het is een collage van een drietal stukken. Zoals je misschien wel hebt opgemerkt hoort het eerste deel en het derde deel samen…de…nou ja, de moord op Suzy.’ Gekko was fijngevoeliger dan de meeste van zijn jaloerse concurrenten beweerden. ‘Het is vooral het tussenstuk dat mij interesseert. Volgens mij is dat stukje film zelf op een gans ander locatie gemaakt. Ik heb die stukken van elkaar geïsoleerd en ik zal jullie het tussenstuk met de bedreiging aan Meneer March nog eens laten zien. Is dit oké voor u?’
            ‘Stephen, zeg maar Stephen,’ reageerde de heer March op de vraag van Gerekko Dai.
            ‘Ik stel voor dat we vooral letten op de omgeving. Dat kan misschien belangrijk zijn om een locatie te herkennen. Ook op de achtergrondgeluiden, misschien heb ik daarvoor ergens software liggen om die uit de rest te filteren. Die kan ons ook dichter bij de moordenaar brengen. Wie weet?’

            Gerekko liet het tussenstuk zien. Voor de zoveelste maal zag ik de woede en de moorddadige blikken in de ogen van de dader. Ik probeerde die blik te ontwijken maar het was moeilijk om het te vermijden. De achtergrond was blijkbaar een soort ecru kleurig doek. Plots zag ik in de linkerbenedenhoek van het scherm een voorwerp die ik niet kon thuisbrengen. Ik wees Gekko erop en hij pauzeerde de beelden en draaide iets terug en stopte het beeld juist op het moment dat het voorwerp in beeld kwam. Geen een van ons herkende het. Een zakje uit een of anders soort stof. Op het eerste zicht zou ons dit niet verder helpen.’ We waren teleurgesteld. Het was een goed idee geweest maar zonder veel resultaat. ‘Niet getreurd,’ troostte Gekko, ‘dit is nog maar het begin, laat mij een paar dagen werken met die beelden en misschien kan ik jullie dan iets meer zeggen.

..........

copyright Rudi J.P. Lejaeghere

donderdag 28 mei 2015

De vrouw in het rood: Deel 55















55.

Een maand later…

            Katarina had het zwaar gehad in de weken na het bezoek aan de Generaal. Haar woede tegenover de man die haar moeder de dood had ingejaagd, had haar nog net recht gehouden. Noch Cecile, noch Katarina hadden hun moeder willen bezoeken toen ze opgebaard lag in het mortuarium. De tweelingzusters wilden beiden het beeld bewaren die ze hadden van hun moeder toen ze nog leefde. Ze hadden op dat moment op aanraden van de Generaal ook geweigerd om kennissen toe te laten haar nog te bezoeken omdat het onderzoek nog lopende was.
            Jean-Pierre was ondertussen goed hersteld. Iedere dag won hij weer iets aan kracht bij en met hulp van een gerenommeerde fysiotherapeut kon hij zijn lichaam weer gebruiken zoals voor de schotwonde. Hij probeerde zijn vriendin op te beuren en zocht verschillende dingen om haar wat te verstrooien. Hij probeerde haar te verwennen met een goed glas wijn en een lekkere maaltijd en ondanks dat Katarina zijn pogingen waardeerde, kon ze er echter niet echt van genieten. Rouwen heeft zijn tijd nodig, dacht Jean-Pierre en hij nam het haar niet kwalijk.
            Na een paar weken, begon Katarina echter weer te glimlachen als hij bij haar was. Hij wist dat dit een goed teken was, maar probeerde niets te overhaasten. Hun liefde voor elkaar bleef in die weken bij tedere kussen en wat knuffelen. Jean-Pierre wist wat het was om een moeder te verliezen. Hij had zijn ouders verloren toen hij nog heel jong was. Zijn moeder had een speciale plaats in zijn leven gehad en daarom kon hij zich heel goed inleven in het Katarina’s verdriet.
            Hij had ondertussen zelf een portie ongeluk toegedeeld gekregen. Hij ontdekte een aangetekende brief en een dagvaarding die hem toegezonden werd in zijn bus terwijl hij met Katarina op stap was. De aangetekende brief was zijn ontslag als accountant. Hij kon het zijn werkgevers niet kwalijk nemen. Trouwens, hij had voor een ander leven gekozen en daarover hij had geen berouw. De dagvaarding kwam echter wel als een koude douche. Zijn werkgever had een advocaat ingehuurd en had hem van contractbreuk beschuldigd. De som die hij vroeg zou hem een groot deel van zijn spaarcenten kosten. Het werd hem wel eventjes warm toen hij aan het rekenen sloeg. Maar dat was niets vergeleken met wat Katarina te verduren had.
            Katarina begon langzaamaan weer van het leven te genieten. Ze had het beheer van het kasteel na een paar weken weer op haar schouders genomen. Ze wist niet of dat ze een goede zakenvrouw zou zijn. Ze wou het toch zeker proberen, al was het maar in nagedachtenis van haar moeder, de Barones Beatrice.
            Jean-Pierre was blij met de verandering bij zijn vriendin. Hij vroeg haar hoe het ging met de zaken en als ze wilde dat hij altijd een handje wou helpen met zijn boekhoudkundige kennis, maar ze weigerde steeds zijn hulp. Ze had hem beloofd dat hij een beter leven zou hebben en ze wilde niet dat hij zich zorgen zou moeten maken om de centen en de winst.
            Cecile had ervoor gezorgd dat Jean-Pierre na de ongelukkige dood van de Barones, gehuisvest werd in een woning die ook in het bezit was van de Barones en die niet echt ver van het kasteel gelegen was. Van het moment dat hij met de auto kon rijden, reed hij met een huurauto op en af tussen zijn verblijfplaats en het Chateau Dauphin.
            Een maand na de vergadering met de Generaal, wou Jean-Pierre in de vroege morgen zijn auto nemen om terug naar het kasteel te rijden. Zijn verrassing was groot toen hij voor zijn deur een zwarte limousine zag staan. De chauffeur van het kasteel nodigde hem uit om plaats te nemen in de anders lege auto. Die reed hem in een kwartiertje naar de plaats waar hij de laatste weken zo veel was geweest.
            Toen de limousine stopte en hij uitgestapt was, zag hij Katarina, gekleed in een schitterende rode avondjurk op de trappen van het kasteel staan. Haar gezicht schitterde met een prachtige lach en haar ogen keken hem ondeugend aan. Dit was de vrouw in het rood waar hij verliefd op was geworden en plots ging zijn hart sneller slaan.
            ‘Dag, schat van mij, welkom op het Chateau. Ik heb je de laatste tijd niet kunnen tonen dat ik je zo graag zie.’ Katarina nam zijn arm en leidde hem de trappen op, door de deur de inkomsthal binnen. ‘Ik probeer vandaag wat daarvan goed te maken.’
            Ze leidde hem door de hall naar de trap die naar de kamers leidde. Jean-Pierre keek haar even van opzij aan, maar zij glimlachte alleen, zonder veel meer te vertellen wat ze van plan was.
            Katarina leidde hem naar de Chambre Rouge, de Rode Kamer die hij de eerste dagen van zijn verblijf op het kasteel al had leren kennen. ‘Ik heb de kamer een nieuw naamplaatje gegeven, als eerbetoon voor de nieuwe eigenaar.’
            ‘Wat, Katarina, heb je het kasteel verkocht, maar is dat wel verstandig, heb je dit wel goed overdacht?’ Jean-Pierre wist dat ze hier veel emotionele banden had, deze doorsnijden zou misschien niet echt een goede beslissing zijn.
            ‘Sorry, schat, ik vond dat het kasteel nood had aan een nieuwe aanpak. Ik hoop dat je de nieuwe eigenaar even leuk vind als ikzelf.’ Ze wees op het bordje op de deur. Jean-Pierre las het met verbazing.
            ‘Chambre Jean-Pierre!’ Hij keerde zich naar Katarina die zich heel dicht tegen hem aandrukte en hem hartstochtelijk kuste. Hij was te verbaasd om echt te reageren. Zijn verstand sloeg even tilt. ‘Wat bedoel je hiermee, is het kasteel dan toch nog van jou of…?’ Deze vraag kon hij net nog tussen twee vurige zoenen in krijgen.
            ‘Neen, mijn lieve schat die je bent. Blijkbaar had mijn moeder al een tijd geleden het kasteel op mijn naam gezet, ik wist er echt helemaal niets van. Maar met de regeling van de erfenis is alles uit gekomen. Je hebt er bijna je leven bij ingeschoten om met mij op stap te zijn. Dit was het minste dat ik kan doen. Maar ik moet je nog één ding vragen?’
            ‘Euh…oké, dank je, Kat. Ik ben er gewoon onderste boven van. Wat een verrassing! Vraag maar raak. Ik kan je niets weigeren, dat weet je toch.’
            Katarina was gelukkig. Ze wist dat ze het juiste had gedaan. ‘Ik moet het kasteel alleen nog een nieuwe naam geven, maar gezien je vanaf nu de eigenaar bent, laat ik de keuze aan jou over. Jean-Pierre, hoe wil jij je kasteel noemen? Misschien moet je er even oven nadenken, het hoeft niet direct?’
            Hij keek haar aan en zijn gezicht begon terug kleur te krijgen na de eerste schrik. ‘Dat is helemaal niet moeilijk, daar hoef ik niet lang over te denken. Als ik naar jou kijk is er maar een naam mogelijk: Chateau Rouge, het rode kasteel.’
            ‘Hé, dat is een goede naam, schat, je weet dat ik houd van rood, maar ik houd nog veel meer van jou. En daarom wil ik je nu…helemaal voor mij alleen.’ Ze trok hem door de deuropening van de kamer en deed de deur achter hem dicht. ‘Laat me je bedienen, mijn kasteelheer.’ Ze opende zijn hemd en kuste even het genezende litteken van de schotwonde.
            Dit was het begin van een vurige dans. Twee tangodansers die iedere beweging van elkaar kenden en die met passie bedreven. Jean-Pierre die al een tijd hunkerde naar deze innige dans, zette de volgende stappen. Hij ontdeed Katarina van haar prachtige rode jurk en zag dat ze, waarschijnlijk voor de gelegenheid, zich gekleed had in rode kanten lingerie. Hij streelde haar lichaam door de kleren heen.
            Katarina liet zich niet onbetuigd, want een tango dans je met twee. Een paar seconden later stond ze naakt voor hem, terwijl hij in antwoord zich niet onbetuigd liet. In een passievol duel kusten en streelden ze elkaar. Beiden konden er niet genoeg van krijgen. Jean-Pierre nam Katarina bij de arm en leidde haar naar het hemelbed, waar ze zich samen in neervlijden. Hij herontdekte de bekende plaatsen, danste verder met zijn lippen en vingers, terwijl zij kreunend van genot, de melodie van de dans volgde.
            Niets was nog belangrijk rond hen. Enkel hun liefde en hun passie telde. Ze kwamen in een werveling van bewegingen tot een dansfinale die hun eenheid onderlijnde. Zowel Katarina als Jean-Pierre wisten dat dit echt was en als het aan hen lag, zou dit nog heel lang mogen duren.


© Rudi J.P. Lejaeghere
22/05/2015

E I N D E

Eventjes pauze, beste lezers.

‘De vrouw in het rood’, Katarina heeft uiteindelijk na 55 hoofdstukken in de persoon van Jean-Pierre haar echte liefde en zielspartner gevonden.

Bedankt voor de interesse gezien de vele views van mijn verhaal.

Misschien zijn er sommigen onder u die zich afvragen of men nog van Katarina en Jean-Pierre zal horen? Of het nu echt afgelopen is met hun avonturen?
Het antwoord hierop is: Ja, ze komen terug en neen het is nog niet afgelopen.
Ik heb ondertussen al een paar ideetjes voor een vervolg en heb zelfs al een naam voor dit volgende deel. Ik hoop terug op uw belangstelling met het voortzetting van de avonturen van ‘De Vrouw in het Rood’ in het nieuwe deel:

‘Chateau Rouge’.

Rudi J.P. Lejaeghere






maandag 25 mei 2015

The Woman in Red: Chapter 29















29. Seduction in red

           Katarina looked enchanting. She had told Jean-Pierre that they had to dress very stylish to obtain the first tape. He looked at her and remembered the woman in red who had seduced him on the dance floor. She wore a long evening dress in the brightest red you could imagine. Katarina showed her clothing acting as a model on the catwalk. While she was parading around him, the moment, she turned he saw there was a long split in the front of the dress. He saw two beautiful long legs and her feet put in black and red pumps that went hand-in-hand with her outfit.
            ‘You are very beautiful. Red looks good on you. But you know that already, don’t you,’ Jean-Pierre decided when he saw the playful smile on her face. On the front side, the dress had a deep low-cut while the fabric on her back just existed of two small straps that crossed and let this part of her body almost uncovered.
            While she passed him, he took her hand and pulled her close to him. He was under the influence of her appearance. He forgot all the worries when she stood close to him. He kissed her softly on her scarlet lips and tasted strawberries.
            She kissed him back, harder and was hankering. It was as if she was another woman in these clothes. Katarina felt he got excited and caressed while their kisses became still more passionate. With a quick movement, she made the straps loose on her back and the red dress landed as a red cloud on the floor. She stepped over it wearing just a black lace slip that left almost nothing to his imagination.
            Jean-Pierre couldn’t get fast enough out of his clothes. While she helped him, they kept kissing. They couldn’t get enough of it. They were both so tensed that they erupted in one great outburst of emotions. They caressed each other’s naked body and lay down on the ground. Jean-Pierre discovered surprised that the floor felt warm. Obviously Katarina’s sister had underfloor heating.
            Katarina pushed him back on the floor and came laying upon him while she pushed and rubbed her body with force against his. Their hands were everywhere and tried to reach all possible places just to touch them. A feverish feeling came over them, and it took no time before Jean-Pierre found the woman in her. She again danced again with the man while he led the tempo of this intimate dance.
            She called him with all the sweet words she possessed; he growled in pleasure during their backs bent in sensual delight. Finally, a cry of ecstasy escaped both their mouth. They felt as one, made for each other. Panting from the physical effort they were together enjoying afterward in each other’s arms on the ground. Her red dress spread like a big puddle of blood on the floor.
            ‘You’re a natural, Jean-Pierre, mmm delicious.’ Katarina whispered in his ear.
            ‘Kat, my dear Kat, I love you, more than I’ve ever loved somebody. It may sound old-fashioned, but I mean it from the deepest of my heart.’ He kissed her on her earlobe, and she cooed like a dove.
            ‘Wait till you hear what I’m planning to do,’ while she got up without shame for her beautiful nudity. Without hurrying she took her slip and red dress and started to put them on again.
            Jean-Pierre followed her example. ‘What do you mean? It’s time to explain to me how you want to obtain those tapes.’
            She looked at him with her light blue eyes in which the little lights of excitement still shined. ‘I know which tapes mother uses. We shall replace the original ones by the three tapes I’m going to buy in a while. First, we’ll focus on Monsieur Charles. He regularly holds a house warming party where all kinds of stylish people comes to. Tonight there’s one. That’s why we have to dress up. I’ll seduce Monsieur Charles…’
            Katarina couldn’t finish her sentence. ‘What do you mean, seduce?’ Jean-Pierre asked astonished. ‘Is this really necessary, Katarina? Can’t we solve this in another way?’
            She softly laughed. His indignation came out of jealousy, she supposed. ‘Sorry, Jean-Pierre, there’s no other way. I’ve got to let him tell me where he had hidden the tape without him having a suspicion. I think my way is the quickest as the solution to our problem. Be assured, my body is yours… my heart too.’
            ‘Let’s say we succeed, that he tells us the hiding place of the tape. How do we get it without him catching us red-handed?’
            Katarina nodded. ‘Indeed, that was the most difficult obstacle to my plan, but Cecile has given me the solution after I had told her about our adventure in the night club.’
            He looked at her because he didn’t understand what she wanted to say and made a gesture that she must go on.
            ‘Her friend with the police has left behind some high-tech paraphernalia we certainly can use. Have you ever heard of an earpiece? Probably you’ve seen it already in a sort of police movie. You put the little thing in your ear and everything the secondary device captivates of sounds, you hear it too. Simple, isn’t it?’
            Jean-Pierre started to get what she meant. ‘You will have the transmitter with you, when you and Monsieur Charles huh… do your thing and…’
            ‘And you,’ she completed his reasoning, ‘will follow my clues and replace the tape with the one we’ll have with us.’
            ‘I hope everything will go like we plan,’ Jean-Pierre sighed. He pictured already himself handcuffed and led away by the security service. One thing you could say if you were with Katarina: life was never boring.

© Rudi J.P. Lejaeghere
04/05/2015
           


zaterdag 23 mei 2015

Requiem: Chapter 19








19


           
            Philip couldn’t believe it and still it stood in black and white before him. There was formed new brain material on some neurons. New dendrites in Michael had made new connections with other cells. That didn’t happen normally. This was certainly not a case of schizophrenia but rather a case of DID or ‘Dissociative Identity Disorder’. There hadn’t been signs of an acute psychosis or even longer moments of more quiet psychoses. After all, they would have noticed that in an early phase because normally schizophrenic behavior demonstrates itself between the fifteenth and thirtieth year of one’s life. However, the senator spoke about recent facts. Before that, Michael had always been a toy dog, one that ate out of the hand of the team.
            It was common knowledge some people confounded schizophrenia with DID. It could be related to repeated sexual abuse by someone from the same family and mostly at a young age. They knew that this condition was certainly present with Michael. Jim McFinster had now discovered a small spot on an old scan from before Michael’s operation. Or they had missed it at that moment or they hadn’t wanted to see it. It is the end that justifies the means and at that moment, in view of a million dollar project that could go wrong by a ‘little spot’ on an EEG, you would rather quickly look the other way. A little problem swept under the carpet. Resolved!
            That spot was, according to Jim, definitely a damage, it could be caused due to physical abuse by his mother in his youth or due to the martial art he was practicing before he had his operation. To be sure, they have to Michael with them to examine him thoroughly and make new photos and scans. This could indeed be the cause for Michael doing things his own brain ordered and which didn’t correspond to his mission. A sort of alter ego, another personality that was formed and listened to all that voices. A new Michael who could be a lot more dangerous especially for the ordering party.
            That was what he had written in his report which he had mailed to the senator before she could ring him for the second time out of bed. The mail had been coded and enciphered as usual.
            ‘Are you sure?’ the senator asked by means of the webcam – this only happened very exceptionally – because she had to talk to him about the problem in person.
            ‘One hundred percent sure you’ll never be. First of all we should get Michael here in the Cellar to put him through a broad range of tests…and still. The human brain works himself in inexplicable ways around obstacles, makes new connections or is looking for detours to by-pass damaged areas. It finds a way to function again to some extent. But what I can say for certain is that you can’t trust him anymore! He’ll more and more undertake spontaneous actions, actions we’ll receive by other voices. It’s also possible he’ll have some memory loss or depersonalization, things he will do without having a feeling about it. As a robot so to speak. It happens sometimes with patients that they don’t recognize their neighborhood anymore. That’s called de-realization and if it happens he surely will blow his cover. I don’t have to explain that this would be the end of the goal of the placement of Michael!’
            The senator put a stop to the connection. As a drunken pirate after an evening drinking, she began to curse and she kicked the garbage can a few meters further into the corner of the room. Everything was in jeopardy. Michael has to be brought home. First of all she would ask the team to convince Michael to go to a certain place where they could pick him up and repatriate. The medical team should be able then to examine him and repair the damage and put him back in the field. It has to be possible! Otherwise, Philip Collins and Jim McFinster could leave for a job at the North Pole to examine the brain of the polar bear. She typed a memo for them and put Jack Sterlington in CC.
            Fife minutes later Jack was already calling her. ‘Madam,’ it meant that the Cellar team was listening with. ‘Markus will try to make Michael go to the rendezvous point at the Catacombs so that we can fetch him up there in the shortest time possible and get him home. I’ll you know when he have picked him up.’
            Jack finished the short conversation. The senator tapped on the desktop with her long fingernails. Waiting always took too much time for her, it was one of her lesser qualities. At all times, she wanted direct results. There were still too many targets Michael had to finish off. In the worst-case scenario her plans would fail, at best they would be carried out with a few weeks delay. If one person in the New World would discover what she was planning, everything she had worked for would be in vain!


……….

  
            Feliciano Louis Díaz y Garcia was busy experimenting in his workshop on the stolen chip. First of all Feliciano had cracked and cancelled the code of the new chip and had given it the same code of his own one he had skimmed a while ago. The skimming or copying of the magnet label where the code was on wasn’t so difficult. But nobody knew the code of his own implanted chip. Feliciano had found a way to get it during the years he was working for the ICSA. Only with a lot of patience and waiting for the right time he had succeeded. He had to have some guts for it too because he had to use the password of a colleague to find out. The idiot had written it down on a paper and had hidden it in the bottom of his desk drawer. Not very smart, but a chance hit for a resourceful Resistance member.
            The loophole in the program to change the codes that made it possible to match one and the same code to two chips had been very useful. For that he had to steal or hack nothing, he even possessed the authority to do it. Normally the first chip had to be canceled and recorded in a special database. This way they could track down the canceled chips and the newly implanted ones to control their identities of their carriers. Through a query, they could filter the double inputs, but normally such an order was given to his own service and he himself would see it before it was done. Feliciano would at the right time do the right thing with the list so that his deception wouldn’t come to light.
            He noticed some parts of which he knew what their purpose was. There was the little piece that gave the signal to the brain that you were approaching a zone with high radiation and nonetheless the medication everybody took, would be harmful or even lethal. He also saw some diodes and transistors on the very small chart which served as transmitter-receiver. In this way, they could follow a person on the radar.
            At least half of the minor components weren’t familiar to him at first sight. He could indeed test them with a few programs he had written himself. But considering the fact he didn’t know how it would react there was a certain risk. The people of the Resistance were designed to build on their self-taught skill. Furthermore, he had to take into account that he wouldn’t endanger any member of the Resistance with his actions. Science, at this scale, wasn’t shared with the civilians or wasn’t described in scientific literature. It was military knowledge, top-secret and extremely protected. Obviously not so well secured as they suspected, Feliciano thought inside grinning about his own creativity.     
            Let’s start! He saw a bigger piece of electronics under the microscope that he found very intriguing and with that he would begin. At first sight, he couldn’t define what it was. I didn’t seem to be a diode nor an integrated circuit with transistors. He connected a fine wire at the component and linked with his own designed device that looked a crossing of a computer, an oscilloscope and a tostador, a toaster. The last description was the playful determination his mother gave to the device. As usual she had waved away his explanation with a few Spanish proverbs from which he didn’t understand most of them. Mamacita was the dearest mother on the whole world, but she still lived with her thoughts in the past. However, if she was happy this way, it didn’t disturb him at all.
            The screen of his computer first gave a series of numbers that repeated themselves regularly and then he suddenly got a black screen. Just at the moment he thought that he had done something wrong and was ready to control the interfaces a sentence disappeared a sentence on the screen:

SAT 15478 EARTH 40° 43′ 35″ N, 73° 50′ 36″ W NEW YORK…

Trajectory: …waiting for your password and your coordinates for trajectory satellite 15478…

            Feliciano Louis Díaz y Garcia’s mouth fell open and he understood already by reading the analysis of this little piece why the device operations were kept so secret. This was only the first of the dozens of other components he had to try out.


……….


            Markus already had given a dozen times the code to Michael on which he had to respond with the answer ‘Mission aborted. Rendezvous point Zero.’ But despite all the markers were on green Michael didn’t respond on the code. They could read his position as the dot of a plane on a radar and he certainly didn’t move direction point Zero. It was certain now. You could read it on the face of Jack and the other two members of the team. ‘He’s drifting, isn’t he?’ He asked his nephew.
            Markus nodded and tried a few other possibilities to get him to the Catacombs. Michael reacted on some instructions except on the orders he had to return to home base.
            ‘It will be a difficult moment with our boss, I don’t envy you,’ Clint reacted. He wiped his hand through his hair and sighed. ‘I suppose the only possibility now is to go there ourselves and pick him up. I think it’s the only option left. To fly under the radar, a risky piece of night work. But an easy job for you, Walter and myself! Markus can be our connection point here at the Cellar.’
            Markus looked a bit disappointed but understood he hadn’t enough experience on the field and he would be a risk factor. He nodded.
            ‘I work something out,’ Clint continued when everybody agreed, ‘so you can pass this already to the senator. I hope it will temper her dissatisfaction or hmmm…should I say anger?’
            Clint Ellory hadn’t been wrong. The senator foamed with rage when Jack Sterlington brought her the bad news personally through a secured video call. ‘How is this possible after so many years? That damned government her, with her safety policy has brought us in a position we can lose all our advantages we were regaining in the last decades. I can’t believe the rulers in the East will keep their signed promises if they know the truth. The longer Michael wreaked havoc back there, the bigger the chance is that they put one and one together and discover the truth. Who knows, maybe he has deserted to the enemy camp and works for them,’ she started to panic.
            Jack tried to calm her down. ‘I’m sure this isn’t the case, we should have monitored it at a certain time on our screens. Markus is a genius in that area and I know, being a relative I’m may be prejudiced, but I doubt he would have missed that. Michael is still on our side, he only doesn’t want to come home. I think something in his head has gone wrong and now he think it is his ‘Holy’ task to complete the mission despite our cancel code.’ His calm and confident voice had some effect on her and it wasn’t the first time.
            ‘What do you propose, Jack, how can we save what there’s still to save?’ she asked now more calmly. A lot more depended on this mission for her then for them. They worked for her or for her successor or they disappeared in thin air, it wouldn’t be the first time Jack had to go into hiding. She knew him already for a while. He always had another card up his sleeve.
            ‘At this moment, Clint is preparing a plan so that he, myself and Walter will go and pick him up there. We will manage, you see, we’ve already found ourselves in more difficult situations. We’ll take him here on the operation table and Philip Collins and his team can examine the damage and look if it’s repairable. In the worst-case scenario, we ourselves will eliminate the remaining targets. A tiny war on strange territory, it’s still very appealing at my age.’ He tried to sound blithe but by the wildest stretch of his imagination he wasn’t.
     

……….  


            The Invisible IV was a stealth plane from the newest generation of the United States of the Western Community and was used to fly spy missions and to drop soldiers behind enemy lines to make reconnoitring missions. Inside, there was only space for the pilot and for other persons.
            A seat was empty when it left his base at Naval Air Station Point Mogu in the state California. The trio, Jack Sterlington, Clint Ellory and Walter Fallon couldn’t almost be recognized in their military dressings. The colours of their suits were chosen the way that they would not be spotted in their environments, being just like chameleons. Their face had been blackened so that they wouldn’t stick out.
            The look in their eyes was as black as their face and their clothes. They believed in their changes to succeed and were very determined. In their ear piece they now heard Markus’ voice.
            ‘Good luck!’
            Later on, they would fly low below the radar, not taking any risk and on the dropping point they would float a moment so they could jump. Even with their fly suit, the Mark V, the latest high-tech on that area, it would be a risky business. At the moment when they would get the green light, all three of them would, religious or not, make a cross or touch their good-luck charm. Call it faith or superstition, sometimes it worked.

© Rudi J.P. Lejaeghere
23/05/2015



Requiem: Hoofdstuk 22








22



            ‘Ik wil die beelden nú zien,’ beklemtoonde Stephen March. Ik had het hem afgeraden vanwege de bloederige scènes. Er was iets die me trouwens al gans de tijd dwars zat. Ook mijn vrienden Ji Lang en Eagle Eye probeerden Steven te overtuigen om het te laten bij onze beknopte en wat minder bloederige beschrijving betreffende de inhoud van de videostick.
            ‘Je hebt me toch verteld dat je onder hypnose een veiligheidsbuffer hebt ingebouwd,’ richtte Steven zich tenslotte tot Eagle Eye. Na een geslaagde hypnose was Steven ervan uitgegaan dat hij zich sterk genoeg zou kunnen houden om de dood van zijn halfzus Suzy Chang te herbeleven. ‘Luister, ik weet dat jullie het goed met mij voorhebben maar wie weet, herken ik iets aan de man. Een gebaar of een stem, hoe vervormd die ook mag zijn. Als dit het geval zou zijn en je verspilt deze kans, dan zou dat pas jammer zijn.’
            Eagle Eye keek hem met zijn beste oog eens goed aan en kwam naar Stephen toe. Stephen had niets in de gaten en toen Eagle Eye hem met het woord ‘Bakongo’ toesprak, kon hij juist op tijd Stephen opvangen. Gelukkig dat de spieren van Eagle Eye niet voor de show waren, want hij had zijn handen vol aan de honderd kilo zware Stephen. De suggestie die Jérome er bij hem had ingeplant bij de hypnotische seance werkte dus.
            Samen met Ji zette Eagle Eye Stephen recht in de zetel en flankeerde hem aan de ene zijde. Ji bevond zich aan de andere kant zodat hij mooi rechtop bleef zitten. ‘Stephen, luister nu goed naar mij. We gaan te samen zoals beloofd naar een aantal beelden kijken. Zie je terug de trap?’ Stephen knikte bevestigend. ‘Ik wil dat je een paar treden omhoog gaat en dat je voorzichtig je ogen opent.’
Zo ver zo goed. Stephen opende na een paar tellen zijn ogen, maar staarde voor zich uit alsof hij aan het dromen was. ‘In die beelden zal je veel bloed en geweld zien. Je moet deze beelden bekijken alsof de personen in kwestie acteurs zijn. Het is allemaal gespeeld. Maar let goed op, kijk naar al de handelingen, sla ze op in je gedachten. Kijk of je iets of iemand herkent. Begrijp je wat je moet doen Stephen?’ Nog altijd knikte Stephen bevestigend maar bleef als een zombie voor zich uit staren. Eagle gaf mij een sein en ik draaide het filmpje terug en duwde op start.
            We hielden allemaal onze adem in. Ik zat meer naar Stephen te kijken dan naar de beelden, die waren in mijn geheugen geprent en zouden er nooit meer uit verdwijnen. Misschien met tijd dat ze wat zouden vervagen. Minder pijn doen. Vooral nu ik wist dat mijn ouders dezelfde martelingen hadden ondergaan. Daarom alleen voelde ik me al een zielsverwant van Stephen March. Je weet dat er ooit een dag komt dat je ouders zullen sterven. Voor iedereen komt dat moment, het is de onvermijdelijke uitkomst van het ontstaan van leven. Ik wenste zoals iedereen dat we dat moment zolang mogelijk konden uitstellen. De wetenschap en medische vooruitgang zorgden ervoor dat de gemiddelde leeftijd van de mens nu weer hoger was dan in de jaren die volgden op de Grote Oorlog. De gevolgen van de straling waren niet zonder consequenties gebleven. Gelukkig dat de nieuwe medicijnen en injecties op een bepaald moment het tij hadden doen keren.
Dat waren allemaal factoren waarmee je onbewust rekening mee hield en hoopte dat men gelukkig en gezond oud werd….en dan komt er een gek met een zwaard en snijdt de tijd die een mens nog rest op een gewelddadige manier in enkele ogenblikken door. Suzy Chang was nog in de bloei van haar leven, een mens die nog zoveel te beleven had. Vrienden maken, verliefd worden en kinderen krijgen, een gezin stichten en oud worden in het gezelschap van familie en vrienden! Zij zou dit allemaal niet meer meemaken…en Stephen zou al die mooie momenten ook moeten missen.
Eagle Eye hield Stephen goed in het oog en begeleidde hem met zachte woorden door de tragische beelden. Stephen zei niets, maar bij de onthoofding trok er een spier in zijn gezicht en rolde er langzaam een traan langs zijn wang naar beneden en toen nog een en dat was het moment dat Eagle Eye hem weer deed inslapen. ‘Bakongo!’ Hij was terug in het dromenrijk. Of misschien was het een hel vol nachtmerries die in zijn hoofd zouden spoken?
Met dezelfde methode, trapje per trapje haalde Eagle Eye Stephen weer naar boven en op een bepaald moment vroeg hij Stephen: ‘Als ik van drie tot één terugtel dan zal je wakker worden, je zal je uitgerust voelen en alles herinneren. De pijn zal je met ons delen want zoals men vreugde deelt met vrienden zo ook deelt men het leed met je vrienden. Ji Lang, Yukiko Mitsukai als ikzelf Jérome Shumbwa zijn je vrienden, Stephen. Vergeet dat nooit! Drie, twee, één…’



……..



            De man had alles gehoord en mee gevolgd via een het zendertje dat in de stick was verborgen en alles doorzond naar het oortje dat hij nu verwijderde. Toch hoorde hij nog een andere stem in zijn hoofd.
            Opdracht afgebroken. Ontmoeting punt Zero… Opdracht afgebroken. Ontmoeting punt Zero… Opdracht afgebroken. Ontmoeting punt Zero!
            Michael herkende de stem, hij herkende ze allemaal. Eerst was er maar één geweest. Dat herinnerde hij zich nu weer. De laatste tijd was er zoveel in zijn hoofd gebeurd. Vele flitsen van voor zijn tijd hier in de Nieuwe Wereld hadden zich te samen gevoegd. Een vertekend plakboek als een Picasso was in zijn hersenen geschilderd. Hij herinnerde zich mannen in het zwart en mannen in het wit. Duivels en Engelen. De eerste stem die hij had gehoord was van vóór die tijd. Soms keek hij alsof hij uit zijn eigen lichaam trad van bovenaf op een jongeling die in opdracht van die stem kleine dieren doodde, kinderen vernederde. Nooit had hij het gezicht van de jongen gezien maar hij wist dat het niemand anders dan hemzelf kon zijn.
            Na de Duivels en Engelen was er een stem bijgekomen. De stem die hij nu hoorde en waar hij niet naar wou luisteren. Opdracht afgebroken. Ontmoeting punt Zero… Zijn taak afbreken nu hij zo dicht bij zijn doel was. Wat was zijn doel? Stephen March en zijn vrienden? Hij was even uit zijn lood geslagen omdat hij het antwoord niet direct vond. Wat hij wist, was in zijn hoofd geschreven. Daar stond dat hij niet mocht opgeven. Er werd ‘niets’ afgebroken. Daar zou hij zelf over besluiten! Hij sloot de deur van de kamer waaruit die stem kwam. Een andere stem nam het heft direct over.  
Je mag die losse draad niet vergeten, losse draden betekenen gevaar, een potentiële getuige van je heilige missie…Dood hem, je weet hem wel te vinden. Volg gewoon de stank van het geld!
Hoe dat hij dat over het hoofd had kunnen zien? Deze stem klonk zachter maar niet minder dringend. Deze stem voelde lekker aan. Net als de Japanse walnoot die hij nog even kraakte en het hartje verorberde. Een kleine menselijke zwakte die hij zichzelf toestond. Daarna vertrok hij naar zijn volgende slachtoffer.


……..



            Stephen opende zijn ogen en keek bijna direct naar het zwarte scherm waar zojuist nog de beelden van de moord op Suzy Chang waren vertoond. Hij knikte verschillende malen en richtte toen zijn aandacht op zijn omgeving. Zonder geluid gleden tranen langs zijn gezicht die hij na enkele momenten steeds weer met zijn hand wegveegde. Niemand sprak. Ji Lang en Eagle Eye zaten naast hem. Ik ging voor hem op het tafeltje zitten en met mijn hand onder zijn kin draaide ik zijn hoofd zodat hij in mijn ogen keek.
            ‘We krijgen hem. Vandaag misschien niet, maar er zijn vele dagen in een jaar en een van die dagen zal hij boeten voor Suzy…voor mijn ouders en voor de vrienden van Ji en Eagle Eye. Voor al zijn slachtoffers! Samen gaan we daaraan werken en zullen we daarin slagen.’
            ‘We krijgen hem,’ herhaalde hij mijn eerste woorden. Een verbeten gezichtsuitdrukking gleed over zijn gezicht en de tranen droogden op. Twee gevaarlijke bliksemende ogen keken me aan. ‘We krijgen hem,’ herhaalde Stephen nu harder, ‘te samen krijgen we hem wel. Hij moest beter weten dan ons uit te dagen.’
            En eindelijk daagde het me. Ik sprong op en iedereen schrok zich natuurlijk te pletter. Ji Lang bewoog zijn arm beschermend om Stephen. Eagle Eye met opgetrokken wenkbrauwen volgde mijn bewegingen. ‘Sorry,’ verontschuldigde ik me, ‘ nu weet ik wat mij al de ganse tijd dwars zit omtrent dat filmpje. Nog meer verbaasde blikken. ‘Hadden jullie niet het gevoel dat er iets niet klopte met het filmpje? ‘ Niemand reageerde of het was Ji die zijn schouders opstak en met een aansporende blik om meer uitleg vroeg. ‘Het daagde me toen Stephen zei dat hij beter moest weten om ons uit te dagen. Begrijpen jullie het nu nog niet?’
            Blijkbaar was ik de enige die dacht dat hij het licht had gezien. ‘Hoe kon hij Stephen uitdagen wanneer hij Suzy aan het….,’ ik durfde bijna het woord niet uitspreken, maar Eagle Eye knikte bijna onmerkbaar dat ik moest verdergaan. ‘Toen hij Suzy aan het…doden was verdween hij plots uit beeld, kwam dan met zijn Bijbelse vervloeking aan het adres van Stephen. Op dat moment was Stephen toch nog niet in het land…of vergis ik me? Toen ik informeerde naar Stephen bij de diplomatieke dienst heeft men terloops gezegd dat hij pas de dag na de dood van Suzy in de Nieuwe Wereld bent toegekomen. Klopt toch?’ vroeg ik, mijn blik op Stephen gericht. Die knikte bevestigend. ‘Trouwens, na zijn pompeuze toespraak verdwijnt hij weer van het scherm en … komt de genadeslag voor Suzy.’ Een kleine spier trok rond de mond van Stephen maar hij luisterde naar mijn opmerkingen en ik zag dat hij nadacht. Ji en Eagle Eye begonnen door elkaar te praten zodanig dat ik mezelf niet meer kon horen denken. ‘Stop, niet allemaal tegelijk, wat denk jij Ji. Zou ik gelijk hebben dat dit een montage is. We zijn er dan nog wel niet uit wat de reden is, maar er is iets mis met die gruwelijke vertoning.’
            Zowel Ji als Eagle Eye bevestigden nu ook mijn vermoeden. ‘Misschien kan je Gekko om raad vragen,’ stelde Ji voor, ‘die heeft apparatuur genoeg om te zien of er geknoeid is met de film. We vonden het allen een goed idee en lieten Gekko via mijn mobieltje weten dat we eraan kwamen. Toen hij hoorde waarover het ging hoorde ik hem al gniffelen in het vooruitzicht om zijn toestelletjes en software los te laten op de videostick en o ja, of we nog even konden langsgaan om zijn pizza op te halen. Gekke Gekko!


copyright Rudi J.P. Lejaeghere
23/05/2015

donderdag 21 mei 2015

De vrouw in het rood: Deel 54















54.
           
            Katarina duwde de rolstoel waarin Jean-Pierre in zat. Hij was nog niet sterk genoeg om grote afstanden te voet af te leggen. Het was echter wel een wonder dat hij zo rap genas. Sinds haar bezoek in het ziekenhuis was er een last van haar schouders gevallen. Ze wist dat Jean-Pierre van haar hield, zonder voorbehoud. Ze hield ook zielsveel van hem. Katarina zou hemel en aarde verzetten om haar schuld aan hem te kunnen inlossen, maar ze wist dat ze dit met al het geld van de wereld niet zou kunnen klaren. Ze was gekleed in een sober zwart ensemble, maar de rode sjaal was haar merkteken. Rood vergezelde haar waar ze ook ging.
            Jean-Pierre had met de hulp van Katarina in een strak maatpak gehesen, maar hij stond erop om een rode das te dragen. Hij merkte schelms op dat iedereen die het tot nu nog niet gezien had, dan ook zou zien dat ze samen pasten. Het was even voor drie uur in de namiddag en het was een zonovergoten dag. Een dag in het voorjaar, een van de eerste mooie lentedagen. De bomen hadden al knoppen en de eerste bloemen kwamen al uit. Hij had genoten van het zicht van de krokussen en narcissen, de vogels die elkaar de loef aan het afsteken waren met hun liederen. Het leven was mooi en verliefd zijn maakte het leven de moeite waard om te leven.
            De Generaal had hen uitgenodigd in zijn woonst die omgeven was door een mooi bloemenpark. Beide zijden van zijn huis waren afgebiesd met reuzengrote eikenbomen. Ze kroonden majestueus het huis en onderstreepten de belangrijkheid van de persoon die erin woonde.
            Met de hulp van een twee bediendes werd de rolstoel met Jean-Pierre de paar trappen op gedragen om het huis te kunnen betreden. Jean-Pierre gaf zijn ogen goed de kost maar Katarina had daar blijkbaar al geweest en duwde de rolstoel in de richting van de werkkamer van de Generaal.
            Toen ze binnenkwamen kwam de man hen al tegemoet. Met een brede lach op zijn gezicht verwelkomde hij hen. ‘Katarina, Jean-Pierre, welkom vrienden. Wacht ik maak wat plaats vrij aan mijn bureau, dan kan je beiden naast elkaar zitten. Let absoluut niet op de rommel die ik maak. Als vrijgezel moet ik geen rekening houden met een vrouw en dat spreekt niet echt in mijn voordeel zoals je ziet.’
            De man overdreef want Jean-Pierre zag weliswaar veel boeken en papieren liggen, maar van wanorde of gebrek aan netheid was geen spoor. Katarina manoeuvreerde de rolstoel tot voor het bureau en nam dan ook plaats. Op de vraag of ze iets wilden drinken antwoorden beiden dat het niet hoefde voor hen. ‘Laat ons direct overgaan tot de orde van de dag, Generaal. Jean-Pierre is nog vlug moe en ik zou het jammer vinden als hij nadeel ondervond van deze vergadering.’
            De ondertoon deed de Generaal even opkijken naar Katarina. Hij ontmoette haar koele blik, maar toonde zich even onaangedaan onder haar blik.
            Nadat hij achter het bureau had plaatsgenomen en een slokje van zijn glas water had gedronken vouwde hij de handen in elkaar en keek hen om beurten aan. ‘Katarina, Jean-Pierre,’ begon hij en schraapte nog even zijn keel. ‘Ik heb jullie vandaag hier laten komen om voor jullie de losse eindjes aan elkaar te knopen. Ik weet dat jullie nog met veel vragen zitten maar laat me eerst en vooral nog eens mijn uitdrukkelijke spijt uitdrukken met het schielijke overlijden van je moeder, Katarina. Ik zou mijn ziel verkopen als ik haar zou kunnen terugbrengen, maar hoe graag we dit ook wensen, het is onmogelijk om de klok terug te draaien.’
            Hij schonk zijn glas nog wat bij met de karaf water die hij bij zich had staan. ‘Vincent Beau, de moordenaar van je moeder, was geen onbekende voor de politie en de gerechtelijke diensten. Hij was als buitenechtelijk kind van een maffiabaas van kinds af aan de verkeerde weg opgegaan. Hij heeft zich opgewerkt door de jaren heen in de misdadigerswereld en was uiteindelijk de rechterhand van een van de grootste drugsmaffia peetvaders van Europa. Men kon hem nooit op heterdaad betrappen en hij leidde een luxeleven met de lucratieve inkomsten van zijn diensten voor deze drugbaas. Zijn specialiteit was een netjes afgeleverde huurmoord. We kwamen te weten via een tipgever dat ze de Franse regering hadden geïnfiltreerd en dat ze een zekere minister chanteerden met zijn buitenechtelijke praktijken. Deze minister was een regelmatige bezoeker van Chateau Dauphin.’
            Toen deze naam viel, keken Jean-Pierre en Katarina naar elkaar. ‘Hoe komt moeder hier in het verhaal. Waarom werd zij van spionage beschuldigd? Ik begrijp het allemaal niet goed.’ Katarina klonk zenuwachtig en door de klank van haar woorden klonk de klank van ongeduld.
            ‘Daar kom ik direct op. We wisten dus dat de Franse minister contacten had met de drugsmaffia. We wisten echter niet wat zijn rol was in hun organisatie. Waarvoor chanteerden ze hem, wat moest hij hen afleveren. Het kon alles zijn en we wilden hen niet alarmeren door de minister op te nemen en te ondervragen. Daarom ben ik naar je moeder getrokken en haar de vraag gesteld of ze voor ons, de minister wou afluisteren en bewijzen verzamelen over wat hij in zijn schuld voerde.’
            Katarina had haar hand voor haar mond. Ze wou haar bevende lippen verbergen omdat ze weer dacht aan de dood van haar moeder.
            ‘Dus u hebt Beatrice, de Barones gevraagd om te spioneren voor u, om inlichtingen te verzamelen over de drugsbende en hun bedoelingen, als ik het goed begrijp,’ vatte Jean-Pierre met een kalme stem samen.
            ‘Dat is correct, Jean-Pierre,’ antwoordde de man achter het bureau. ‘Beatrice, was in dienst van de DGSI, Direction Générale de la Securité intérieure. Het is door haar activiteiten en door de tapes die ze gemaakt heeft dat we zowel de minister als de drugsbende hebben kunnen oprollen. Trouwens, we hebben de derde tape gevonden. Hij was gevonden door iemand van de kuisploeg die de kamers in Carlton schoonmaakten en ontvreemd. De bewuste persoon is direct door de directie van het hotel ontslagen vanwege deze diefstal van goederen. Ik kan enkel maar mijn spijt uitdrukken dat dit zo is gelopen. Ik weet dat het niets veranderd, maar je moeder is gestorven voor het vaderland.’
            Katarina was bleek geworden. ‘Generaal, ik ken mijn moeder zo wel een beetje en ik weet ook het een en ander van u. Ik kan hier enkel maar uit besluiten dat u mijn moeder hebt omgepraat om deze dingen te doen. Zij zou zelf uit eigen initiatief tot zo’n handelingen overgaan, zelf niet voor haar land.’
            De Generaal wou protesteren maar Katarina hief haar hand op. ‘Doe geen moeite, Generaal. Met deze wetenschap kan ik u niet meer onder de ogen komen zonder u te zien als de onrechtstreekse moordenaar van mijn moeder. Ik verwacht tegen vanavond u ontslag uit de Raad van Bestuur en ik wens verder geen contact meer te hebben met u of met uw organisatie.’
            De man fronste de wenkbrauwen en zuchtte. ‘Ik had het graag anders gezien, maar je mag erop rekenen, ik dien straks mijn ontslag in, Katarina.’
            ‘Barones Katarina, Generaal!’ Ze stond recht en nam de rolstoel van een verbaasde en geschrokken Jean-Pierre vast en vertrok zonder nog een woord te zeggen.

© Rudi J.P. Lejaeghere
16/05/2015


maandag 18 mei 2015

A glass of poetry















I’m tasting a poem as a glass full of wine,
the Chateau, beautifully labelled on top
is full of promises, maybe sunshine or a flop,
still there can be a suspicion or a silent sign.

To open the bottle with the first quatrain
you already smell the scent of his bouquet,
is it about red or white, the words will say
if it’s vinegar stuff, you’ll read it in vain.

There has to be an aftertaste, heavy or fine
its character, dark, handsome or full of mystery
tercets with a lesson or ending with a cute line

a few glasses a day keeps me fit without misery
maybe one more, I do believe it’s so benign
although some say, it’s the start of a poet’s insanity.

© Rudi J.P. Lejaeghere
18/05/2015


Een glaasje poëzie
















Ik proef een gedicht als m'n glaasje wijn.
het kasteel titelt op het etiket,
belooft nooit dat er tannine in zit,
maar kan toch reeds een stil vermoeden zijn.

Het openen van het eerste kwatrijn,
maakt de belofte waar in het boeket
en presenteert het glas in rood of wit.
Of gist er in het staartje wat azijn ?

Er moet een afdronk zijn en liefst heel fijn,
donker vol mysterie of jong met pit,
terzinen met een les of soms met gein.

Een paar glaasjes per dag, dat houdt me fit,
of eentje meer dat mag, maar dan een klein,
dat niet kleven blijft tussen m'n gebit.



© Rudi J.P. Lejaeghere